Guide

Lisa Bakker stopte na 16 jaar roken dankzij Champix

7 min read Updated March 29, 2026

Het begon op mijn drieentwintigste, op een feestje in een kroeg aan de Witte de Withstraat in Rotterdam. Iemand stak een sigaret op, ik vroeg of ik er eentje mocht, en binnen een maand kocht ik mijn eigen pakjes. Zestien jaar lang was roken mijn dagelijkse metgezel. Mijn beloning na een lange werkdag. Mijn rustmoment tussen de chaos. Mijn excuus om even naar buiten te gaan. Tot ik op mijn negenendertigste besloot dat het genoeg was geweest.

Ik ben Lisa Bakker, en dit is mijn verhaal over hoe Champix me hielp om eindelijk rookvrij te worden.

Laat me schetsen hoe diep roken in mijn leven zat. Ik werk als interieurontwerper, een baan die ik met hart en ziel doe, maar die ook veel stress met zich meebrengt. Deadlines, veeleisende klanten, budgetten die niet kloppen. Na elke stressvolle vergadering liep ik naar het rookhok. Na elke oplevering stak ik er eentje op als beloning. Roken was verweven met elk emotioneel moment in mijn leven. Blij? Sigaret. Verdrietig? Sigaret. Boos? Twee sigaretten.

Ik rookte gemiddeld vijftien tot twintig sigaretten per dag. Camel Light, altijd. Het pakje zat in mijn tas als een portemonnee. Ik ging nooit de deur uit zonder het. Als ik merkte dat ik er nog maar drie had, raakte ik licht in paniek en maakte ik een omweg langs de tabakswinkel. Die afhankelijkheid, dat constante bewustzijn van hoeveel sigaretten er nog waren, dat was misschien wel het ergste.

Mijn vriendinnen dachten er wisselend over. Sanne rookte ook, dus samen op een terrasje was nooit een probleem. Maar Femke was al jaren geleden gestopt en wilde steeds minder naast me zitten als ik opstak. Mijn moeder zei er niets meer over, maar ik zag haar blik elke keer als ik naar buiten liep bij familiebijeenkomsten. Die stille teleurstelling.

Ik had twee keer eerder geprobeerd te stoppen. De eerste keer met nicotinekauwgom, maar ik vond de smaak walgelijk en de tintelende sensatie in mijn keel vervelend. Na een week was ik weer aan het roken. De tweede keer probeerde ik het met wilskracht alleen, na een inspirerend boek van Allen Carr. Ik hield het drie weken vol, en toen ging een grote opdracht mis en stond ik weer buiten met een sigaret alsof er niets was gebeurd.

Het keerpunt kwam in augustus 2025. Ik was op vakantie in Griekenland met mijn partner Tom. We hadden een prachtige wandeling gemaakt naar een klooster op een heuvel, en halverwege moest ik stoppen. Ik kon niet meer. Mijn longen brandden, mijn benen trilden, en Tom, die niet rookt, stond geduldig te wachten. Ik zag de bezorgdheid in zijn ogen, en ik schaamde me kapot. Ik was negenendertig, niet negenenzestig. Dit kon niet normaal zijn.

Terug in Rotterdam maakte ik een afspraak bij mijn huisarts, dokter De Graaf. Ze was direct en eerlijk, wat ik waardeerde. “Lisa, je rookt te lang en te veel. Je longfunctie is al verminderd voor je leeftijd. We moeten dit serieus aanpakken.” Ze vertelde me over Champix, ook bekend als varenicline. Het werkt anders dan nicotinevervangers: het blokkeert de receptoren in je hersenen die normaal reageren op nicotine. Daardoor geeft roken minder voldoening, en tegelijkertijd vermindert het de trek.

Ik was eerlijk gezegd sceptisch. Ik had verhalen gehoord over bijwerkingen: levendige dromen, misselijkheid, stemmingswisselingen. Maar dokter De Graaf stelde me gerust. “We beginnen langzaam, en ik monitor je nauwkeurig. Als de bijwerkingen te erg worden, stoppen we.” Ze schreef een recept voor twaalf weken Champix voor.

Het schema begint met een opbouwfase. De eerste drie dagen nam ik eenmaal daags een halve tablet van 0,5 mg. Daarna vier dagen twee keer per dag een halve tablet. Vanaf de tweede week de volledige dosis: twee keer per dag 1 mg. En het bijzondere: de eerste week mocht ik nog roken. Het idee is dat de medicatie alvast gaat werken terwijl je nog rookt, zodat je merkt dat de sigaretten steeds minder lekker smaken.

En dat merkte ik. In de eerste week, terwijl ik nog rookte, begon ik het verschil te voelen. Die sigaret na de lunch, die normaal zo bevredigend was, voelde opeens vlak. Alsof ik op een stuk karton kauwde in plaats van op iets lekkers. Op dag acht, mijn officiële stopdatum, drukte ik mijn laatste sigaret uit, en het voelde verrassend… oké. Niet dramatisch. Niet als het einde van de wereld. Gewoon oké.

De eerste weken zonder roken waren niet zonder uitdagingen. De misselijkheid was er, vooral als ik de Champix op een lege maag nam. Ik leerde snel om altijd iets te eten voor ik de tablet innam. Een beschuit met kaas, een banaan, iets. Dat hielp enorm. De dromen waren inderdaad levendig, soms bizar. Ik droomde een keer dat ik door de Markthal in Rotterdam vloog, letterlijk vloog, tussen de kraampjes door. Maar het waren geen nachtmerries, eerder vreemde bioscoopfilms in mijn hoofd. Na een paar weken werden ze minder intens.

Wat me het meest opviel, was hoe weinig trek ik had vergeleken met mijn eerdere stoppogingen. Bij koude kalkoen was de trek overweldigend geweest, alsof elke cel in mijn lichaam schreeuwde om nicotine. Met Champix was het meer een zacht duwtje. Een herinnering aan roken, maar geen dwang. Ik kon het opmerken, er even bij stilstaan, en het dan laten gaan.

De moeilijkste momenten waren sociaal. De eerste keer dat ik met Sanne op een terras zat en zij opstak, voelde ik een steek. Niet zozeer de behoefte aan nicotine, maar het gemis van het ritueel. Het samen naar buiten lopen, het aansteken, het eerste trekje. Ik bestelde een cappuccino en hield de warme mok vast. Iets om mijn handen mee te vullen. Sanne was overigens geweldig. Ze blies de rook van me af en zei: “Als jij dit volhoudt, ga ik ook proberen.” Dat motiveerde me enorm.

Tom was mijn stille kracht. Hij maakte geen groot punt van mijn stoppen, maar deed kleine dingen die het verschil maakten. Hij kocht verse bloemen voor in huis, zodat het lekker rook. Hij ging mee wandelen als ik onrustig was. Hij maakte soep als ik ‘s avonds trek had in iets. En als ik mopperde, want dat deed ik de eerste weken regelmatig, dan zei hij niets. Hij liet me even, en dat was precies wat ik nodig had.

Na zes weken had ik een controleafspraak bij dokter De Graaf. Mijn bloeddruk was al verbeterd. Mijn hoestbuien waren minder. En ik had in die zes weken bijna 600 euro bespaard. Dat rekende ik uit op de app Stoptober, die ik had gedownload als extra motivatie. 600 euro. Dat is een weekendje weg. Dat is een nieuwe bank. Dat is een ongelooflijk bedrag om letterlijk in rook te laten opgaan.

De tweede helft van de Champix-kuur ging soepeler dan de eerste. De bijwerkingen namen af, de trek werd zeldzamer, en ik begon de voordelen echt te merken. Mijn huid zag er beter uit, mijn tandarts zei dat mijn tandvlees gezonder was. Ik kon weer traplopen zonder te hijgen. En mijn kleding rook naar wasverzachter in plaats van naar tabak.

Na twaalf weken stopte ik met Champix. Dat was eind november 2025. Ik was zenuwachtig, net als bij het afplakken van nicotinepleisters, want nu stond ik er echt alleen voor. Maar de waarheid is dat Champix me niet alleen had geholpen om fysiek van de nicotine af te komen, het had me ook de tijd gegeven om nieuwe gewoontes op te bouwen. In plaats van een sigaret na het eten ging ik een rondje lopen door de wijk. In plaats van roken bij stress deed ik ademhalingsoefeningen. In plaats van een peuk op het terras had ik altijd iets bij me: pepermuntjes, een flesje water, een klein zakje nootjes.

Nu is het eind maart 2026, en ik ben al vijf maanden rookvrij. Vijf maanden. Dat klinkt misschien niet lang voor sommigen, maar voor mij is het een eeuwigheid. Het is de langste periode zonder sigaret sinds ik drieentwintig was.

Vorige maand hebben Tom en ik die wandeling naar het klooster in Griekenland opnieuw gedaan. We waren weer op vakantie, en ik wilde het mezelf bewijzen. En ik kwam boven. Zonder te stoppen. Zonder brandende longen. Ik stond daar bovenop die heuvel, keek uit over de Egeische Zee, en ik huilde. Niet van verdriet, maar van trots. Van opluchting. Van het besef dat ik het echt had gedaan.

Sanne is trouwens ook gestopt, twee maanden na mij, ook met Champix. We zitten nu samen op het terras met cappuccino in plaats van sigaretten, en het is minstens zo gezellig. Misschien wel gezelliger, want we hoeven niet meer op te staan om buiten te gaan roken als het regent.

Aan iedereen die overweegt om Champix te proberen: praat met je huisarts. Wees eerlijk over je rookgedrag, je eerdere pogingen, je angsten. De bijwerkingen zijn er, maar ze zijn beheersbaar. En het resultaat is het meer dan waard. Champix gaf me wat wilskracht alleen niet kon geven: de fysieke ruimte om aan mijn gewoontes te werken zonder constant te vechten tegen de nicotinehonger.

Ik ben Lisa Bakker, ik ben 39, en na zestien jaar roken ben ik eindelijk vrij. En die vrijheid smaakt zoeter dan welke sigaret dan ook.